Traag herstel blijft wegen op werkgelegenheid

30 september 2020
Tekst
Jo Cobbaut
Traag herstel blijft wegen op werkgelegenheid

Onze ondernemingen blijven pessimistisch over de werkgelegenheid. Een enquête laat vermoeden dat in de privésector 84.000 banen of 3 procent extra verloren gaan door de gezondheidscrisis. Een recente bevraging bevestigt opnieuw dat telewerk een stuk ruimer zal gebeuren.

Uit de laatste weekenquête gehouden door BECI, NSZ, UNIZO, UWE en VOKA, blijkt dat ondernemingen het banenverlies in de private sector tussen het begin van de crisis en het einde van het jaar inschatten op 84.000. Dat is een daling van het aantal banen met 3 %, maar dat kan nog een onderschatting zijn. Doordat het stelsel van tijdelijke werkloosheid voor bepaalde bedrijfstakken is verlengd tot eind dit jaar, is een deel van het jobverlies wellicht uitgesteld naar volgend jaar.

Volgens de enquêteresultaten bevindt 6 % van het werkgelegenheidsvolume in de private sector zich in tijdelijke werkloosheid. Die zitten vooral in de twee zwaarst getroffen sectoren, namelijk de horeca en de sector kunst, amusement en recreatie.

Telewerken

Het aandeel van de werknemers die deels telewerken, is gestegen van 15 % eind juni tot 26 % eind september.

Het aandeel van de werknemers die uitsluitend telewerken, is dan weer teruggelopen van 16 % eind juni tot 9 % eind september.

Net als in vorige enquête zegt één op drie ondernemingen een ruimer beroep te zullen doen op telewerk ten opzichte van de situatie van vóór de crisis.

Sombere prognose voor omzetherstel

Uit de laatste weekenquête gehouden door BECI, NSZ, UNIZO, UWE en VOKA, blijkt verder dat de Belgische ondernemingen hun omzet momenteel nog 14 % lager schatten dan normaal. Er was een traag en onvolledige omzetherstel de afgelopen maanden, maar dat viel nu helemaal stil. Net als in de vorige enquête verwachten de ondernemingen opnieuw nauwelijks verbetering in 2021.

Verder werden de aanvankelijk voor 2020 geplande investeringen negatief beïnvloed en de bevraagde ondernemingen gaan ervan uit dat hun investeringen ook in 2021 aanzienlijk zullen slinken.

De zwakke vraag blijft veruit de voornaamste oorzaak van dat omzetverlies en wordt door meer dan één op twee ondernemingen aangehaald. De impact op de omzet is overigens twee- tot driemaal sterker voor de zelfstandigen en voor de ondernemingen met minder dan tien werknemers, dan voor de ondernemingen met meer dan 250 werknemers.

In het Brussels-Hoofdstedelijk Gewest lijden veel kleine entiteiten zwaar doordat er veel wordt getelewerkt, waardoor de hoofdstad veel minder pendelaars ontvangt.

Verder bleek ook dat één op vijf ondernemingen niet langer dan drie maanden aan haar financiële verplichtingen zal kunnen voldoen zonder een beroep te moeten doen op bijkomend eigen vermogen of bijkomende kredieten

Investeringen: bleke vooruitzichten

De coronacrisis heeft ook een zware impact op de investeringsvooruitzichten voor 2021 De onzekerheid over de verdere evolutie is uiteraard een factor die de investeringsbeslissingen van de ondernemingen sterk beïnvloedt. De politieke, economische en gezondheidsgerelateerde onzekerheid veroorzaken uitstel van private investeringen. Voor het lopende jaar ramen de bevraagde ondernemingen de vermindering van hun investeringen als gevolg van de coronacrisis op gemiddeld 21 %.

De investeringsvooruitzichten voor 2021 blijven somber blijven, dus zal het herstel tijd vergen. De bevraagde ondernemingen verwachten immers dat de geïnvesteerde bedragen 19 % lager zullen liggen dan wanneer er geen coronacrisis was geweest. Die resultaten doen vrezen voor een zeer gering herstel van de investeringen.