Talent vinden én houden grootste horde voor scale-ups

21 januari 2020
Tekst
Jo Cobbaut
Talent vinden én houden grootste horde voor scale-ups

Scale-ups zien het beheer van talent als hun grootste uitdaging. Scale-ups met externe investeerders in het kapitaal lijken sneller geneigd om professionele hr-praktijken op te zetten dan scale-ups die met eigen middelen varen.

Een en ander blijkt uit een grootschalig onderzoek van Vlerick Business School door de professoren Veroniek Collewaert en Sophie Manigart en postdoconderzoeker Thomas Standaert in opdracht van Scale-Ups.eu.

In tegenstelling tot wat men misschien verwacht, is voor scale-ups niet de financiering het grootste probleem, maar wel het vinden en houden van talent. In volgorde zijn dit hun grootste uitdagingen:

  • 30% talent vinden en houden;
  • 28% funding vinden;
  • 24% markttoegang verkrijgen;
  • 11% topleiderschap.

Scale-ups staan echter nog niet ver met hr-professionalisering:

  • 40% rekruteert in het buitenland;
  • 25% schakelt rekruteringsbureaus of headhunters in;
  • 36% beschikt over een onboardingproces.

Toch is er blijkbaar een verschil tussen groeibedrijven die een beroep doen op vreemd kapitaal en zij die het met eigen kapitaal rooien. De eersten hebben minder last met talent. Ze doen dan ook veel meer een beroep op professionele hr-methoden, rekruteren meer in het buitenland, schakelen meer rekruteringsbureaus in en hebben in meer gevallen een onboardingproces. Bovendien wisselen ze sneller van talent via flexibele ontslagprocedures.

Een scale-up haalde sinds zijn oprichting minstens een miljoen dollar op bij investeerders of kende een gemiddelde jaarlijkse groei in sales of tewerkstelling van minstens 20% per jaar over een periode van drie jaar.