Bedrijfsarts krijgt tijdelijk nieuwe taken

26 januari 2021
Tekst
Jo Cobbaut
Beeld
Shutterstock
Bedrijfsarts krijgt tijdelijk nieuwe taken

Een KB legde tijdelijke nieuwe specifieke taken met betrekking tot covid-19 bij de arbeidsarts om covid-19 in ondernemingen en instellingen te bestrijden.

Op 21 januari 2021 werd het Koninklijk Besluit van 5 januari 2021 betreffende de rol van de preventieadviseur-arbeidsarts bij de bestrijding tegen het coronavirus COVID-19 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Dit is een tijdelijk koninklijk besluit: het zal op een later tijdstip worden ingetrokken, zodra de pandemie voldoende onder controle is. Daarom is het niet opgenomen in de codex over het  welzijn op het werk.

De arbeidsarts krijgt dus nieuw taken:

  • het identificeren van hoogrisicocontacten in de ondernemingen,
  • het verstrekken van quarantaine-attesten aan deze hoogrisicocontacten,
  • het doorverwijzen van bepaalde werknemers om een covid-19 test te ondergaan, volgens de door de bevoegde autoriteiten bepaalde teststrategie.

Indien hij dit meer aangewezen acht en op voorwaarde dat de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen en testmaterialen worden gebruikt, kan de arbeidsarts de covid-19 test zelf (of door een verpleegkundige, onder zijn verantwoordelijkheid) afnemen.

Deze tests kunnen uitgevoerd bij de volgende werknemers:

  • werknemers die geïdentificeerd zijn als hoogrisicocontact,
  • werknemers waarvoor de arbeidsarts een test noodzakelijk acht om een dreigende uitbraak in de onderneming te bestrijden (in het kader van clustermanagement),
  • werknemers die meestal niet in België wonen en hier slechts een beperkte periode werken, en waarvan ten minste één de symptomen vertoont of positief getest heeft op covid-19 (in het kader van clustermanagement),
  • werknemers die een zakenreis naar het buitenland moeten maken, waarvoor een negatieve covid-19-test nodig is,
  • werknemers in bepaalde specifieke omstandigheden, na de beslissing van de bevoegde overheid en in overleg met de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.

Reorganisatie van het gezondheidstoezicht

Tijdens de gezondheidscrisis hebben de extra taken van de arbeidsarts in verband met covid-19 voorrang op zijn gebruikelijke taken en missies in het kader van het gezondheidstoezicht. Bijgevolg kan de arbeidsarts beslissen welke missies en taken in het kader van het gezondheidstoezicht het eerst moeten worden uitgevoerd, in welke volgorde en voor welke werknemers (vooral de meest kwetsbare werknemers). Daarnaast kunnen sommige raadplegingen op afstand plaatsvinden (per video of telefoon). De arbeidsarts zal dit moeten aangeven op het formulier voor gezondheidsbeoordeling.

Teleconsultaties zijn toegestaan bij:

  • Het onderzoek bij werkhervatting,
  • Onderzoek in het kader van moederschapsbescherming,
  • De spontane raadpleging,
  • Het bezoek voorafgaand aan de werkhervatting,
  • Medische vragenlijsten als aanvullende medische handelingen, uitgevoerd door of onder verantwoordelijkheid van de arbeidsarts.

Er is één uitzondering op deze aanpassingen van het gezondheidstoezicht: de voorafgaande gezondheidsbeoordelingen moeten altijd bij voorrang worden uitgevoerd op andere onderzoeken in het kader van het gezondheidstoezicht, en ze moeten altijd worden uitgevoerd door middel van een fysiek onderzoek van de werknemer (d.w.z. niet via een teleconsultatie).

Tarifering en controle door de inspectie

De gevolgen van de nieuwe taken van de arbeidsarts voor de tarifering van de externe diensten voor preventie en bescherming op het werk, alsook de controle door de sociale inspecteurs van de Toezicht op het Welzijn op het Werk, worden eveneens bepaald in het Koninklijk Besluit.

Bron: FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg