7 op 10 naar het werk met de wagen

22 september 2020
Tekst
Jo Cobbaut
7 op 10 naar het werk met de wagen

Zeven op de tien Belgen neemt ook in 2020 de wagen naar het werk. Internationaal zitten we daarmee in de middenmoot.

Dat blijkt uit internationaal onderzoek door hr-dienstenverlener SD Worx, die in België 2500 werknemers bevroeg.

Vooral de ‘eigen’ wagen

Zeven op de tien Belgen kiest voor de auto voor de woon-werkverplaatsingen. Daarmee zit België in de middenmoot. Enkel Nederland en de UK doen het met minder auto. In België geeft meer dan de helft van de werknemers (55%) aan de ‘eigen wagen’ te nemen voor woon-werkverkeer. Ook in onze buurlanden primeert de eigen wagen: Frankrijk en Duitsland spannen de kroon met 65% gebruik van de eigen wagen.

Bedrijfswagens en salariswagen

Belgen zijn dus niet de slechtste leerling van de klas, ook al komt één op de zeven Belgische werknemers (14%) met een bedrijfswagen; in Nederland is dit negen procent. Opvallend voor de bedrijfswagens in België is dat het bij meer dan de helft (8% in totaal) gaat om een functiewagen, nodig om bijvoorbeeld klanten te bezoeken. Zes procent zegt een salariswagen te hebben. Dat is meer dan in onze buurlanden.

De deelauto krijgt niet alleen in België maar ook in de buurlanden weinig voet aan de grond (nergens meer dan 3%).

Vergeleken met 2019 zijn er geen significante evoluties, al daalde het gebruik van de motorfiets van 3% naar 2%. De keuze voor de (bedrijfs-)wagen en het openbaar vervoer bleven nagenoeg status quo. Hier zien de onderzoekers voorlopig geen corona-effect.

54 km en 70 minuten

Vanaf 54 km heen-en-terug en een gemiddelde tijdsbesteding van 70 minuten per dag ervaart de Belg het woon-werkverkeer als negatief.

De deelauto, het collectief vervoer door de werkgever en de trein scoren in België slecht naar tijdsbesteding. De deelauto scoort ook slecht naar kost.

Ook de gebruikerservaring speelt een belangrijke rol: fietsers hebben bijvoorbeeld nood aan veilige fietsinfrastructuur, wat deels de regionale verschillen in België kan verklaren.

Belg overweegt duurzame alternatieven op voorwaarde dat...

Een kwart van de ondervraagde werknemers wil zijn auto onder geen beding inruilen. Toch zijn er hefbomen voor duurzame initiatieven.

  • 27% staat er voor open als ze even snel zijn;
  • 20% overweegt het openbaar vervoer mocht de dienstverlening beter zijn;
  • 18,6% wil meer comfort.

Veerle Michiels van SD Worx: “Werkgevers die een voortrekkersrol willen spelen, houden er best rekening mee dat bij hun werknemers heel wat verschillende voorkeuren en behoeften spelen.”

SD Worx ziet wel kansen voor het federale mobiliteitsbudget, waarmee je een milieuvriendelijke wagen kan kiezen in combinatie met bv. openbaar vervoer of fiets.

  • 8 % spreekt zich hier positief over uit,
  • 10 % zou een elektrische fiets of step gebruiken van de werkgever,
  • 7 % zou in ruil voor een fietsvergoeding de fiets opspringen naar het werk,
  • 6 % wil graag openbaar vervoer gebruiken als dit volledig betaald wordt door de werkgever en
  • 6 % zegt wel iets te zien in een deelauto.

“Opnieuw potentieel voor het mobiliteitsbudget,” zo concludeert Veerle Michiels: “Al deze duurzame oplossingen zijn mogelijk binnen de tweede pijler van dit budget en genieten daar van een erg gunstige (para)fiscale behandeling.”

Brussel scoort goed in openbaar vervoer; Vlaanderen fietst

Regionaal zijn er grote verschillen. In Brussel primeert het gebruik van openbaar vervoer (29% trein,35% tram/bus/metro). Daar gebruikt 29% de eigen wagen. In Vlaanderen en Wallonië is het gebruik van de eigen wagen het meest uitgesproken (resp. 54 en 70%). De Vlaamse werknemer neemt het vaakst de fiets (20% gewone en 10% elektrische fiets). Opvallend: van de Vlaamse fietsende pendelaars ontvangt slechts 16% een vrijgestelde fietsvergoeding van maximum 0,24 EUR per km.

Ook als we kijken naar combinaties van vervoersmiddelen, merken we regionale verschillen. Vandaar dat de top tien ook verschillende cijfers toont. De ‘eigen wagen’ domineert in alle gewesten (het meest in Wallonië), maar in Brussel wel op gelijke hoogte met ‘Metro,tram, bus’. Hierin valt op dat de ‘eigen fiets’ in Vlaanderen in de top drie staat; in Wallonië nog net in de top 10 van meest gebruikt (maar een tiende van Vlaanderen). In Brussel is de fiets niet te zien in de top 10, maar eerder combinaties met het openbaar vervoer. De elektrische fiets staat enkel in de top 10 van Vlaanderen (positie 5), ook in combinatie met de ‘eigen wagen’ (positie 8).

Combineren? Zelden

Wat de combinatie van vervoersmiddelen betreft, is er nog een weg te gaan. Een constante in elk gewest is dat werknemers vasthouden aan één vorm van transport. Wie toch combineert, doet dat met eigen wagen en fiets (Vlaanderen), openbaar vervoer (Brussel) en eigen wagen en openbaar vervoer/te voet in Wallonië.